
Menno en Quinta Post kochten in 2023 een woning samen met Menno’s moeder Hanneke. Nu wonen Hanneke, Menno, Quinta en hun twee kinderen in een ruime woning aan de rand van Prinsenbeek. Ze vertellen over hun bijzondere vorm van samenwonen, wat je zeker moet doen en vooral ook moet laten.
Een verhuizing zat niet in de planning. Menno en Quinta hadden net hun woning in de kern van Prinsenbeek opgeknapt, ze woonden in een gezellige buurt waar ook de kinderen, Anne en Bram, veel contacten hadden.
Donkere hoekjes
Voor Hanneke, die ook in Prinsenbeek woonde, werd duidelijk dat ze wél wilde verhuizen: ‘Na het overlijden van mijn man Wout voelde ik me erg geïsoleerd. Ik had een mooi huis, maar de woning was naar de tuin toe gericht. Ik zag niets van de straat. Daardoor zag ik niemand. Het huis en de tuin had veel donkere hoekjes en ik merkte dat ik mezelf angstig ging voelen.’ Quinta vult aan: ‘We merkten dat ze steeds meer bij ons op bezoek kwam. Ze moest weg uit dat huis.’
Woningruil
Hanneke keek actief op Funda naar een kleinere woning, maar er kwam niets geschikts vrij. Een woningruil werd overwogen. Menno: ‘Dat idee lieten we al snel weer los. Ik ben opgegroeid in de woning van mijn moeder en wist hoeveel er nog geklust moest worden. Dat zag ik niet zitten. Ook zou mijn moeder dan naar een woning met een trap gaan, terwijl ze al jaren gelijkvloers woont. Dat leek ook niet logisch.’
Met zijn allen wonen
Hanneke bleef ondertussen zoeken naar een woning. Toevallig vond ze een pand met twee delen: een groot huis en een appartement ernaast. Hier konden ze allemaal wonen, zonder elkaar in de weg te zitten. Wat als ze hier met zijn allen zouden gaan wonen? Ze legde het idee voor aan Menno en Quinta. Hanneke: ‘Ik vond het spannend, want ik wilde hen absoluut niet onder druk zetten.’ Menno en Quinta reageerden enthousiast. Ze bekeken de woning en de grote hoeveelheid grond en twee weken later werd hun bod op het huis geaccepteerd.
Een goede verstandhouding
In die twee weken voerde de familie Post intensieve gesprekken met elkaar. Want hoe zagen ze dit voor zich, met elkaar wonen? Alle mogelijke scenario’s werden doorgesproken. Quinta vertelt: ‘Het begint met een heel goede verstandhouding hebben. Die was altijd al goed. Het overlijden van Wout maakte de band tussen ons vijven sterker. Op deze manier met familie wonen, moet je niet doen als het contact niet al heel goed is.’
Privacy
Quinta: ‘Ook durfde ik het aan, omdat ik weet dat Hanneke, net als ik, op haar privacy gesteld is. Zij wilde geen onderdeel van ons gezin zijn, maar echt haar eigen ruimte hebben. We lopen niet zomaar bij elkaar binnen. Ook hebben we allebei een eigen terras, waar we lekker privé kunnen zitten.’
Geen andere kinderen
Wat ook meespeelt, is dat Menno enig kind is. Als Hanneke komt te overlijden, gaat er dus geen deel van de erfenis naar andere kinderen. Menno: ‘Als er wel andere kinderen waren geweest, hadden we misschien moeten verhuizen. Dan hadden we hier nooit voor gekozen.’ Quinta vult aan: ‘We zijn alle drie voor een gelijk deel eigenaar van het landgoed. Vooral voor mij was dat belangrijk. Bij de notaris is precies vastgelegd wat er gebeurt als iemand overlijdt of als er een scheiding komt. Je moet overal goed over praten en alles vastleggen. Want er is iemand bijgekomen.’
Binnen zonder kloppen
Duidelijk communiceren en dingen uitspreken begint meteen als je gaat samenwonen. Ook later blijft dat belangrijk. Quinta en Hanneke zeggen snel wat ze denken en laten irritaties niet oplopen. Voor Menno is dat soms lastiger. Hij blijft af en toe wat langer met ergernissen rondlopen. ‘Maar als ik iets echt anders wil, zeg ik dat wel. Mijn moeder liep in het begin bijvoorbeeld onze woonkamer binnen zonder te kloppen. Daar heb ik toen iets van gezegd. Andersom liepen onze kinderen regelmatig met vieze laarzen bij Hanneke binnen. Ook daarover maken we afspraken, waar we ons vervolgens aan houden.
Omdat we het huis met z’n drieën hebben gekocht, nemen we ook alle beslissingen over het huis samen. Denk daar niet te gemakkelijk over. Je moet het echt met elkaar eens zijn, anders gaat het niet door.’
Opvoeden hoeft niet meer
Hanneke ziet haar kleinkinderen Anne en Bram dagelijks. ‘Dat is heel gezellig. Als ze voorbij lopen, zwaaien ze even. En ze komen vaak even kletsen. Ook de opvoeding van haar kleinkinderen maakt ze van dichtbij mee. Wat als ze dingen ziet waar ze het niet mee eens is? Hanneke lacht: ‘Daar ben ik heel simpel over. Je moet gewoon je mond houden. Wees blij dat je je er niet mee hoeft te bemoeien. Die tijd heb ik gehad.’
Het werkt twee kanten op
‘Wat lief dat jullie dat voor Hanneke doen’, is een reactie die Menno en Quinta veel krijgen. Menno: ‘Zo zien we het niet. Natuurlijk is dit ontstaan doordat het niet goed ging met mijn moeder en we haar wilden helpen. Maar het werkt twee kanten op, want we hebben er veel voor teruggekregen.
We wonen nu allemaal in een fantastische woning met veel ruimte. En we hebben genoeg privacy. Eén en één bleek drie te zijn. Iemand in je huis en dus in je gezin opnemen, is echt anders.’
In de toekomst wel mantelzorg
De hulp die ze elkaar bieden, ervaren ze niet als mantelzorg, maar als wederkerigheid. Quinta helpt bij de administratie en heeft regelmatig een bord eten voor Hanneke. Menno en Quinta doen de meeste klussen aan het huis en in de tuin. Quinta: ‘Maar andersom gaat al het verstelwerk naar Hanneke. Ze zorgt voor de kippen en de eenden. En zelfs voor onze hond als we een dag weg zijn.’
Als Hanneke later meer zorg nodig heeft, wil Quinta de mantelzorgtaken voor haar doen. ‘Ik zie dat als een bijkomend voordeel, zeker nu thuiszorg geen vanzelfsprekendheid meer is. Ik wil haar in de toekomst echt wel helpen met douchen bijvoorbeeld. Ze hoeft hier nooit meer weg.’
Tekst: Mariska Stakenburg-van Dijk
Fotografie: Paul Ranft
Heb je vragen naar aanleiding van dit interview? Of wil je zelf je verhaal delen? Vul dan het contactformulier hieronder in.